Tweede Kamer stemt voor rechtsvermoeden: zzp’ers met een uurtarief lager dan € 38,- kunnen loondienst claimen
Werk je veel met zzp’ers? Dan is het goed om te weten dat er een nieuwe wet aankomt die grote gevolgen kan hebben voor jouw samenwerking met zelfstandigen, vooral bij lagere uurtarieven. Kort gezegd: werkt iemand voor minder dan €38,- per uur, dan wordt ervan uitgegaan dat er sprake is van loondienst in plaats van zelfstandigheid.
Als de Eerste Kamer akkoord gaat met deze wetgeving, wordt de wet naar verwachting op 31 augustus 2026 gepubliceerd. Tot die tijd blijft de bestaande beoordeling van arbeidsrelaties gelden.
Hoe werkt het rechtsvermoeden?
Krijgt een zzp’er minder dan €38,- per uur betaald, dan mag hij straks claimen dat hij eigenlijk werknemer is. Doet hij dat, dan ligt de bewijslast bij jou als opdrachtgever om aan te tonen dat hij daadwerkelijk als zelfstandige werkt. Lukt dat niet, dan loop je risico op nabetaling van vakantiegeld, sociale premies, pensioen en rente.
Wat betekent dit uurtarief écht?
Het bedrag van €38,- per uur is geen minimumtarief voor zzp’ers.
- Werken onder €38,- per uur blijft toegestaan.
- Een lager tarief leidt niet automatisch tot loondienst, mits de samenwerkingsrelatie verder echt bij een zzp-constructie past.
Is de arbeidsrelatie verder ingericht volgens de negen gezichtspunten van zelfstandigheid? Dan kan iemand ook onder deze grens als zzp’er blijven werken.
Het bedrag van €38,- voor het rechtsvermoeden beweegt in de toekomst mee met de cao-lonen. Dat betekent dat dit bij ingang van de wet eind 2026 of begin 2027 al €39,- of hoger kan liggen.
Hoe wordt dit bedrag berekend?
Dit bedrag start bij het wettelijk minimumloon en wordt verhoogd met extra’s voor kosten die een werkgever normaal betaalt, zoals sociale premies, pensioen en verzekering. Daarnaast wordt er een opslag berekend voor pensioen en verzekering voor de zzp’er, plus een vergoeding voor algemene werkkosten en niet-declarabele uren.
Zie de tabel hieronder voor meer informatie over hoe de overheid aan dit uurtarief komt voor 2026.
| Onderdeel | 1 jan 2026 |
|---|---|
| Wettelijk minimumloon per uur | €14,71 |
| Met algehele opslag (120% WML) | €17,65 |
| 25% opslag (AO-verzekering en pensioen) | €4,41 |
| 15% opslag (algemene kosten) | €2,65 |
| Uurtarief na opslagen | €24,71 |
| Correctie voor de niet-declarabele uren (×0,5) | €12,36 |
| Totaal berekend uurtarief | €37,07 |
| Uurtarief rechtsvermoeden (afgerond) | €38,00 |
Belangrijk om te weten:
- Het rechtsvermoeden geldt alleen als de zzp’er zelf aangeeft dat hij eigenlijk werknemer is. Het gebeurt dus niet automatisch.
- De Belastingdienst, het UWV of andere instanties kunnen dit niet zelf toepassen. Zij mogen dit alleen gebruiken als er een rechterlijke uitspraak is.
De grote vraag: hoe bewijs je straks dat het géén loondienst is?
Alleen een overeenkomst van opdracht is niet genoeg. De rechter kijkt naar hoe jullie samenwerken in de praktijk. Daarbij wordt aangesloten bij de bekende gezichtspunten uit het Deliveroo-arrest. Het gaat dan niet om één detail, maar om het totaalbeeld, zoals:
- loopt de zzp’er ondernemersrisico?
- heeft hij meerdere opdrachtgevers?
- kan hij zich laten vervangen?
- bepaalt hij zelf hoe en wanneer hij het werk uitvoert?
- gebruikt hij eigen materialen en middelen?
- gedraagt hij zich zichtbaar als ondernemer?
Zo ziet het risico eruit in de praktijk
Voorbeeld 1: schoonmaak
Een zelfstandige schoonmaker werkt voor €26,- per uur in jouw schoonmaakbedrijf. Hij werkt steeds in hetzelfde gebouw met vaste tijden onder jouw gezag. Ook gebruikt hij het materiaal van jouw bedrijf en is jouw bedrijf al een aantal jaar zijn enige opdrachtgever.
Deze zzp’er kan straks zeggen: “Ik werkte onder €38,- per uur en functioneerde eigenlijk als werknemer.” Jij moet dan bewijzen dat het géén arbeidsovereenkomst was.
Een lage vergoeding in combinatie met beperkte zelfstandigheid vergroot het financiële risico.
Voorbeeld 2: schilder
Een horecazaak huurt een zzp’er-schilder in voor één week om het interieur opnieuw te schilderen tegen een uurtarief van €30,-. De schilder bepaalt zelfstandig de werkwijze, planning en gebruikte materialen, ontvangt geen inhoudelijke instructies en wordt alleen beoordeeld op het opgeleverde resultaat. Hij factureert op eigen naam en heeft tegelijkertijd andere opdrachten lopen bij andere zaken. Verder kan hij zich bij verhindering laten vervangen door een even ervaren schilder.
Hier is het voor jou als opdrachtgever makkelijker te bewijzen dat de samenwerking wél zelfstandig is. Er wordt namelijk rekening gehouden met de gezichtspunten, ongeacht het lage uurtarief.
Conclusie
Dit rechtsvermoeden betekent voor opdrachtgevers onder meer:
- Voor zzp’ers wordt het straks eenvoudiger om zelf een contract te claimen.
- Lage uurtarieven brengen daardoor extra risico’s met zich mee.
- Het uurtarief is niet doorslaggevend, maar de arbeidsrelatie moet volgens de gezichtspunten beoordeeld worden.
- Werk je met zzp'ers, zorg dat je goed uit kunt leggen dat dit in de praktijk zelfstandigen zijn
Voorkom risico’s bij zzp‑samenwerkingen
Wil je meer weten over schijnzelfstandigheid of wil je weten of jouw zzp-samenwerkingen voldoen aan de nieuwe wetgeving en geen onnodige risico's opleveren? Download het gratis whitepaper "Schijnzelfstandigheid onder de loep" of neem contact met ons op. We kijken graag met je mee.